logo

Canuto Utrera of Mini Torcal (Manilva)

canuto-utrera-of-mini-torcal-manilva-1

Het is april en het bloed bruist door de aderen. De benen popelen voor een wandeling. De lente doet zich voelen. Dit is dan ook de maand om, zonder de grote hitte, de hoogvlakten en de bergen te verkennen. Dit doe je vanaf een bepaald punt best te voet.

Ten westen van de Sierra Bermeja ligt de Sierra Crestallina, een kalksteen massief met een bijzondere vorm. Aan de voet van het massief ligt een hoogvlakte die deels door hedendaagse windmolens wordt ontsiert.
De eenvoudigste manier om hier te komen is de A377 (Manilva – GaucÍn): Eens de steengroeve gepasseerd richting GaucÍn, opent de hoogvlakte “Los Llanos” zich voor je ogen. Even verder rechts van de baan loopt een grindweg naar een paar witte huizen. Je kunt best je wagen daar parkeren om de wandeling “El Canuto de la Utrera” aan te vangen.
Aanvankelijk voert een brede grindweg je naar een lager gelegen platform tussen de steile wanden van de canuto. De aanblik van de canuto met de zee op de achtergrond is adembenemend mooi.

Vanaf het platform wordt de weg, in zoverre hiervan nog sprake is door de erosie, een chaos van geulen en rotsblokken. Het betreden bij regenachtig weer is ten sterkste af te raden. Maar op deze blauw overgoten dag springen we van het ene blok naar het andere het dal in.
Na ongeveer een uur stappen en huppelen kom je aan bij de Rio Manilva. Het water heeft een melkachtige kleur. 300 meter stroomopwaarts vind je de oorsprong van de verkleuring: el baño de La Hedionda. De bron ontspringt uit de kalksteen en is het hele jaar door zo’n 20 graden warm.

canuto-utrera-of-mini-torcal-manilva-2

De Moren hebben de bron overkoepeld, doch je kunt via twee ingangen gaan baden.
Opgelet: vanaf 2018 wordt de toegang tot de bron tijdens de zomermaanden beperkt gezien het te hoge bezoekersaantal de afgelopen jaren. De grootte van de bron laat sowieso slechts toegang tot vier personen toe.
De legende vertelt het verhaal van Julius Ceasar die met een legioen de rebelse stad Lacipo een lesje kwam leren. De Romeinse generaal had een huidziekte en de bevolking raadde hem aan elke dag in de bron te gaan baden. Na het beleg en de verwoesting van de stad was zijn ziekte genezen. Nu nog gaan de lokale bewoners voor een gezonde huid baden of gebruiken de modder die ze in emmertjes naar huis mee nemen.

Wil je na het bezoek aan de bron terug naar je auto wandelen, dan moet je spijtig genoeg dezelfde weg terug. Doch de spijt gaat snel in bewondering over, want de uitzichten op het Mini Torcal zijn heel mooi.

Na maximaal 3 uren, en dit zeker niet in overdreven tempo, ben je terug bij de auto. Het is dus aan te raden voldoende drinkwater mee te nemen en zeker goed wandelschoeisel aan te doen.

Wil je de dag verder aangenaam verpozen, dan rijd je terug naar de kust voor een welverdiende dronk, tapa of lunch in Castillo de la Duquesa (zie vorig artikel maart 2018). Een voorafgaande duik in zee spoelt het stof van je af en wakkert de eetlust aan.

Zoals je al had vermoed bij het woord lunch doe je deze wandeling het best in de voormiddag, want eens 12 uur gepasseerd wordt het in de “Canuto” bloedheet. Geniet van deze prachtige uitstap!

Dauwe Marc