logo

Driewielfiets-voor-senioren, een keuze

24 Januari 2019

driewielfiets-voor-senioren-een-keuze-1

Haar moeder van 85 wilde blijven fietsen, maar durfde dat eigenlijk niet meer. Te koppig voor een scootmobiel (‘dan beweeg ik niet meer’) wilde ze graag een driewielfiets. Daar had ze ooit iemand op zien rijden.


Stabiel met het derde wiel

Haar dochters kochten er dus eentje via Marktplaats. Een heel aftands derde- of vierdehandsje met een record aantal kilometers op de teller. Prachtig. Maar toen ze er eenmaal op zat, viel het behoorlijk tegen. De fiets leek steeds de verkeerde kant op te willen. Dat vond ze best eng. Dus werd op haar verjaardag de fiets ook door haar dochters en schoonzoons uitgeprobeerd. De meesten reden pardoes bijna de bosjes in, behalve twee van de mannen. Die voelden aan dat ze alleen maar moesten sturen, en reden op hun gemak (en stoer) wat rondjes.

Zonder vergelijkingsmateriaal maar wel met doorzettingsvermogen, oefende Jannie verder met hulp van een dochter. Die koppigheid en inzet hebben geweldig geloond: al gauw reed ze glunderend alleen door de stad, bewonderend nagekeken door andere senioren, genietend van haar vrijheid. Het was puur een kwestie van wennen.


Onbekend maakt onbemind

Zo kwam Jannie erachter dat je wel even moet weten wat te doen als je een driewielfiets overweegt. Anders durf je ‘m na een eerste aanvaring niet (meer) aan te schaffen of hij blijft voor eeuwig stil in het schuurtje staan. Maar de grote vrijheid van het rijwiel waar geen leeftijd te hoog voor is, die gunde ze iedereen.

Dus organiseerde Jannie gratis en vrijblijvende oefen- en ontdekdagen en stond ze al gauw als ongebonden vrijwilliger zelfs op de 50-Plusbeurs om de zichtbaarheid van de driewielfiets-voor-senioren te vergroten. Zo liet ze zien dat je een keuze kunt maken om veilig en vrij buiten in beweging te kunnen blijven.
Iedereen kent wel iemand...

De beursorganisatie stelde haar de stand en zelfs een oefenparcours ter beschikking. Geheel gratis! En dat was niet omdat ze het fenomeen niet snapten! Boven de stand stond: Driewielfiets-voor-senioren, ontdek ‘m! Jannie had twee heel verschillende modellen meegebracht (ook gratis van de fabrieken vanwege reclame natuurlijk), een goedkoop en een duurder merk. Proberen en vergelijken.

De vijftigplussers liepen langs, zagen de naam van de stand en je zag ze denken: ‘Daar ben ik nog niet aan toe hoor …’ Voordat ze doorliepen, vroeg Jannie gauw aan ze: ‘Maar u kent toch wel iemand die niet meer durft of kan fietsen?’ En jawel, bijna iedereen draaide zich dan om, want ze kenden er wel eentje, of twee uit de familie, en o ja, die buurvrouw op de hoek.

Herkenbaar? Lees dan met die blik over de driewielfiets-voor-senioren en geef de informatie door. Zonder kennis weet je immers niks.


Waarom voelt het eerst raar, waarom oefenen en oefentips?

Op de driewielfiets moet je afleren om je evenwicht te willen bewaren en als je altijd gefietst hebt, voelt het feit dat je niet omvalt eerst onnatuurlijk. Iemand die nooit gefietst heeft, rijdt er zo op weg omdat die niet heeft geleerd te balanceren. Dat balanceren doen we automatisch en dan moet je nu juist afleren. Met oefenen went dat. Het eerste onnatuurlijke gevoel geeft spanning en je moet op de driewielfiets juist leren ontspannen. Al doende komt het vertrouwen op gang en ontspan je je. De een kan dat sneller dan de ander, maar bijna altijd lukt het, als je maar rustig begint.

Geef de fiets niet de schuld, die deugt wel.

Dat de fiets eerst ‘trekt’, is normaal. Enerzijds doe je dat in het begin onbewust zelf omdat je automatisch nog wilt balanceren, maar anderzijds gebeurt het ook op de weg die altijd iets afloopt naar de zijkant. Soms zie je dat niet eens, maar je voelt het wel. Neem de ruimte op de weg, rij niet vlakbij de goot of de stoeprand. Dan trekt het ook minder. Later voel je het niet meer, dan ben je eraan gewend geraakt.

Je merkt het verschil (eerst) ook goed in een bocht. Als je naar rechts gaat, trekt de fiets meer dan wanneer je naar links gaat. Dat komt doordat je naar links altijd een grotere bocht maakt en dus op een vlakkere ondergrond blijft. Naar rechts zit je al dichtbij de goot en loopt het schuiner af. Daarom ook de bocht naar rechts wat ruimer nemen.

De eerste spanning verdwijnt. Ontspanning volgt. Het wordt alsmaar leuker!

De volgende keer worden de oefentips & -trucs achtereenvolgens beschreven. Handig voor als het, ooit, eens van pas komt of om anderen erover te kunnen informeren. Toch?

Jannie Bunk