logo

Jaguar MK II, de favoriete klassieker

26 Juni 2019

jaguar-mk-ii-de-favoriete-klassieker-1

Ik kon in de zomer van 2016 een bod op mijn Jaguar MK II, met een 3,8 L motor, gewoon niet weigeren, maar kreeg daar later toch spijt van. Ik had die auto bijna 10 jaar in bezit en geheel naar mijn wensen laten “verbouwen”, met o.a. electrische EZ stuurbekrachtiging en een electrische ontsteking. Een midden armsteun tussen de voorstoelen en o.a. een extra koelventilator op de radiateur. Een klassieker waar we met plezier mee rondreden en in clubverband, menige meerdaagse tour door Europa reden.

Maar we hebben ook nog een Triumph TR 250 van 1968, waar we in Spanje veel mee rijden. Een model dat gebouwd was in Coventry in de UK voor de USA markt. Dus met links stuur om er rechts mee te rijden. Met gewoon 2 SU carburateurs en een zes cilindermotor. Deze wagen is in 2009 in Nederland geheel gerestaureerd, nadat die vanuit de USA naar Nederland was geimporteerd.

Deze TR, wat staat voor Triumph Roadster, is uiterlijk vrijwel identiek aan de TR5 met een vier cilindermotor, maar de TR250 is herkenbaar aan de duidelijke zilverkleurige belijning over de motorkap. Er werden tot 1968 slechts 2.947 TR 5’s gebouwd en 8.484 stuks van de TR250. Van deze laatste rijden er wereldwijd nu nog slechts zo’n 800 rond. Begrijpelijk dat deze twee modellen door hun geringe aantal, de meest gezochte en duurst betaalde TR’s zijn op de klassieke automarkt van heden.

Doch we missen het comfort van de Jaguar MK II, die kleine saloon had toch wel wat. Na wat zoeken vonden we dan dit voorjaar toch weer een Jaguar MK II, waar we ooit zo verliefd op waren. Een vierdeurs saloon met een 3,4 L zes cylinder motor.

Ook deze Jaguar had de mechanische verbeteringen t.o.v. de Jaguar MK I en bezat o.a. schijfremmen op alle vier de wielen en een iets bredere achteras en een ander luchtfilter. En chromé spaakwielen. Een groot verschil tussen de MK I en de MK II is het dashboard, met een overvloed aan notenhout, waarin de Smiths klokken zijn verwerkt. Ook heeft deze Jaguar de grotere ramen, met notenhouten raamkozijnen. Dat deze MK II 3,4 L populair was blijkt wel uit de verkoopcijfers; van 1959 tot 1967 werden er in totaal 28.666 stuks geproduceerd en verkocht. Van de MK II 3,8 L motor werden in diezelfde jaren van productie 30.141 exemplaren verkocht, waarvan bijna de helft met LHD (left hand drive) naar de USA, en was daarmee het meest succesvolle model van Jaguar.

De Jaguar MK II is een heerlijke wagen om mee te toeren in de stijl van de jaren zestig. Vooral de 3,4 L accellereert formidabel en eenmaal op hoge snelheid is het windgeruis van de verchroomde dakgootjes en de vier tochtraampjes een prettig fluitend geluid. De MK II is in de bochten wat onderstuurd. Het stuurgedrag is wat vaag door het grote aantal omwentelingen. Dan is een electrische stuurbekrachtiging de oplossing. De motor en versnellingsbak produceren nogal wat warmte maar daarvoor is de MK II dan ook uitgerust met ARKO (Alle Raampjes Kunnen Open) en met extra isolerende “warmtedekens”.

Van 1959 tot 1967 werden er in totaal 83.976 exemplaren van de Jaguar MK II, gebouwd, deze had dan een zescilinder lijnmotor, bereikte een topsnelheid van 200 km/h en had in 1963 in Nederland een nieuwprijs van 24.230 gulden. Tegenwoordig moet men niet schrikken wanneer zo’n Jaguar MK II voor 58.000 euro wordt aangeboden. De MK II was een auto met 2 gezichten. Enerzijds een zeer snelle sport-sedan, anderzijds een auto geliefd bij de Britse boeven en de politie, o.a. inspector Morse.

In Europa en Amerika werd de MK II in het begin van de jaren zestig veel gezien op de circuits. In toerwagenraces werd de MK II in de jaren 80 en 90 vooral gereden door bekende namen als Stirling Moss, Graham Hill en Bruce McLaren. Graham Hill reed in één van die bekende races een MK II uit die tijd met het beroemde nummerbord BUY 12 (Buy one too).

Ook aan de Costa del Sol, waar we als “snowbirds” in de winter verblijven, kennen we een bekende Jaguarracer van de jaren 80 en wel Win Percy, o.a. winnaar van de 24 uurs race van Spa van 1984 en 1989. Ik krijg dan vaak tijdens één van de Classic Cars Tours hier aan de Costa zijn verhalen te horen over de vele races waaraan hij deelnam. Hij kent Jan Lammers als geen ander en heeft dan de lachers aan zijn zijde. Hij kan dan hele verhalen afsteken over o.a. Thierry Boutsen, Jacky Ickx en vader Jos en zoon Max Verstappen. Ik heb inmiddels diverse boeken van Win, met daarin natuurlijk zijn handtekening.

Pieter van de Lustgraaf